zondag 10 februari 2019
Zo werkt framen bijvoorbeeld (Nieuwsuur & de logica)
Meestal laat ik het nieuws wat bezinken en stel in deze weblogs iets aan de orde dat wat langere tijd meegaat. Hitsige reacties zijn er al genoeg. Maar gisteravond was er zo’n duidelijk voorbeeld van ‘framen’ voor tv, dat dit een mooi paradigma vormt voor wat framen is. Om te onthouden dus, niet de inhoud, maar het mechanisme.
Nieuwsuur presenteerde gisteren een schema met een overzicht van de stand van de politieke partijen, nam daarin globaal het regeringsstandpunt als ‘het midden’ en kwalificeerde vervolgens in een reeks ‘statements’ de meeste andere partijen als ‘vleugels’. Met vooruitlopend op de verkiezingen GroenLinks alvast wat in de richting van de kabinetspartijen geschoven. De rest waren ‘vleugels’.
Vleugels, vleugels, wie stemt er nu op vleugels? Is een vleugel aantrekkelijk? Is dat hetzelfde als extreem? Als je dit maar genoeg roept wordt een partij vanzelf vleugellam. Zo worden principiële sociale partijen op één hoop gegooid met rechtse populisten. Aan de buitenkant. En als het CDA zich opeens weer zichzelf als ‘het ware midden’ benoemt schudt het hele zaakje mee? Dat staat echter beslist niet buiten kijf.
‘Het midden’ en ‘de vleugels’ hangen van het perspectief af dat je kiest. Dat moet je verantwoorden. Dat is niet zomaar de koers van het bestaande kabinet. Als het om sociale rechtvaardigheid gaat staan SP, GroenLinks en wellicht de PvdA pal in het midden. Als het om corruptie en ‘affaires’ gaat doet de VVD het vrij goed en dat typeert dan weer heel andere vleugels.
Het gaat er niet om dat je iets niet links, rechts of het midden mag noemen, maar dat je niet zomaar vanuit één standpunt iets als ‘vleugel’ mag betitelen en dat vervolgens algemeen hanteren alsof dat heel wat zegt. Het is een redeneerfout, gemakzuchtig en politiek onethisch. Zo kunnen linkse partijen ook het midden vertegenwoordigen, maar niet in alle kwesties.
Noem liever het beestje bij de naam. Nauwkeurig. Steeds maar roepen ‘de vleugels’, degradeert een partij naar de marge en beïnvloedt de kiezer. De herhaling van dezelfde woorden is een machtig politiek middel van de media. Herhaal er dus niet zomaar op los.
Leefde Aristoteles nog maar. Die was altijd op zoek naar het ware midden en wist dat je dit niet makkelijk kunt vinden. Volgens de Boeddha precies hetzelfde. Volgens Nieuwsuur niet, het is verkiezingstijd dus ‘we’ prutsen er vrolijk op los. Een beetje meer aandacht alsjeblieft.
vrijdag 8 februari 2019
Een mooi gezegd darwinisme
Op 28 januari jl. stond er in De Volkskrant een interview met trekvogelecoloog Theunis Piersma. In kader van een serie over de zin van het leven. Die serie kan lang worden. Piersma van zijn kant blijkt een meester in korte wereldbeschouwelijke formuleringen. Zo hekelt hij in enkele woorden een overtrokken accent van genetisch denken. Daar doet hij goed aan, want hoe vaak in de geschiedenis van de wetenschap is de laatste stand van zaken niet als dé definitieve verklaring voor alles gepresenteerd? Verder bestaat er wel een zin van het leven, maar niet als een onbekend en onbereikbaar geheim. Het is er en het kan ophouden te bestaan. Je hebt er vooral nog anderen bij nodig of een omgeving, interactie, verbonden zijn in een context. De wereld is ontstaan, zo is dat, daar is geen achterliggend motief bij nodig, maar vervolgens wel de verbanden die er zijn ontstaan en zullen ontstaan.
Nou ja, je merkt het al, dit thema is boeiend en vooral de redeneringen eromheen. Dus kan ik mijn eigen woorden beter verder achterwege laten en een paar van Piersma citeren. Het is een mooi gezegd darwinisme, een zowel eindig als onbeperkt, eigenlijk eenvoudig wereldbeeld. Misschien is er wat durf voor nodig. Durven accepteren.
Piersma: ‘Er is een planeet ontstaan, met vervolgens leven en daarop voltrekt zich van alles. Nu zijn mensen dominant en dat gaat vermoedelijk fout aflopen. Daarna gaat het leven verder, ik geloof niet dat daar een hogere zin achter zit. Tegelijkertijd zie ik wel veel zin in een enkel leven, of dat nu een vogel of een mens is. Die is er in relatie tot anderen ….’
Over het laten inwerken van deze paar zinnen mag je gerust even doen. Intussen kun je het hele artikel vast nog wel op internet vinden.
Met betrekking tot aanpalende wereldbeschouwelijke en kennistheoretische zaken schreef ik een proefschrift over politiek en Joseph Dietzgens kennistheorie, een boek over Ludwig Feuerbachs godsdienstkritiek, en op 9 juni en 3 december 2011 een weblog. Die staan hiernaast nog bij de blogs.
vrijdag 1 februari 2019
Een paar schelpen en een Goudkammetje
Het is aan te raden naast een drukke baan, de huishouding, politiek en/of andere burgerlijke activiteiten een rustige en leuke hobby te beoefenen. De ontspanning een beetje inbouwen in het soms drukke bestaan.
Zo ging ik jaren geleden met mijn kinderen schelpen zoeken en binnen de kortste keer was ik het vooral die zocht en ontdekte dat er zoveel meer ligt op het strand, je eigenlijk alle aspecten van de natuur er kunt waarnemen. Ook de minder leuke dingen, zoals dat al jarenlang bij rustig weer en goed kijken je enorm veel fijn plastic in de vloedlijn kunt zien.
De mooie kant van hobby’s als vogels waarnemen en schelpen zoeken is de ruimte waar je vertoeft, de rust, de weidsheid, het ritme en als je schelpen zoekt lopen de Drietenen en Zilvermeeuwen soms haast over je schoenen heen. Kortom actief en rust ineen.
Het brengt ook wat verplichtingen met zich mee, zoals het doorgeven van waarnemingen of een enkele keer hulptroepen aanroepen bij een dier in nood.
Het doorgeven van waarnemingen van het strand doe ik aan het zogeheten ‘Centraal Systeem’ van de ‘Strandwerkgemeenschap’ (SWG). Daarin staan duizenden waarnemingen die weer gebruikt kunnen worden voor de wetenschap, nader onderzoek, veldgidsen schrijven enzovoort.
Langzamerhand worden verschillende waarnemingssystemen gekoppeld, waarbij www.waarneming.nl wel de hoofdrol toebedeeld zal worden.
Iets dergelijks. In ieder geval hebben de verschillende natuurclubs contact, kom je als het om strand, schelpen en slakken gaat vaak dezelfde mensen tegen. Bij elkaar een boel deskundigheid, terwijl het – wat mij betreft – heel ontspannend blijft.
Kort geleden weer het klusje de lijst met tientallen waarnemingen, vooral uit 2018, door te geven aan het ‘Centraal Systeem’. Een kleine ‘fotoshoot’ hieruit wil ik je niet onthouden. De details van exacte vindplaatsen, data, windrichting en dergelijke, die je wel moet doorgeven aan zo’n waarnemingssysteem, laat ik hier grotendeels achterwege.
1 – Drie slotfragmenten van de Zwinkokkel (Venericor planicosta). Op de Wadden zul je deze fossiele (eocene) schelp niet aantreffen. Deze fragmenten komen van de Zandmotor, de zandsuppletie tussen Ter Heijde en Kijkduin. Normaal wordt deze soort eerder in Zeeland gevonden. Bij het opgraven van het zand voor de zandsuppletie verder uit de kust zullen oude lagen en rivierlopen – zoals van de Schelde – aangeboord zijn en deze fragmenten daarmee meegekomen.
2 – Schaalhoren (Patella vulgata). Van Terschelling, hoog op het strand bij paal 3 in augustus 2018. Maar op Terschelling vind je die normaal gesproken ook niet. Wellicht ooit meegedreven op een drijvend voorwerp. Opmerkelijk verweerd met gangen van ‘Borstelwormen’ of iets dergelijks. Kan pas aangespoeld zijn, maar ook talloze jaren hoog op het strand hebben liggen ‘wachten’ om gevonden te worden.
3 – Goudkammetje (Lagis koreni). Geen weekdier, maar wel het beestje dat van die mooie zandkokertjes kan maken. Die liggen vaker op het strand, maar doorgaans niet met levende Goudkammetjes. Die lagen er nu massaal. Schelpenkenner Gerrit Doeksen en ik vonden ze op Terschelling op 13 augustus.
4 – Wulk (Buccinum undatum). Op Schiermonnikoog liggen veel wulken. Dus als je die wil zoeken moet je op Schier zijn, vooral meer naar het oosten toe. En omdat er zoveel liggen, liggen er soms exemplaren bij die een opmerkelijke vorm hebben. Een wulk met zo’n mooie structuur als die op de foto zie je niet zo vaak.
5 – Noordhoren (Neptunea antiqua). Over mooie vormen gesproken, dit bolle ding is een gewone Noordhoren. Met zulke bolle windingen zie je beslist niet vaak. De Noordhoren is op de Nederlandse stranden veel schaarser dan de wulk. Maar juist tussen de Wulken op Schiermonnikoog ligt toch regelmatig een Noordhoren. Ook een verwante soort, de Gekielde Noordhoren (Neptunea despecta) vind je hier soms. Als er massaal ‘Mesjes’ (Ensis leei) zijn aangespoeld wil daar nog wel eens een Noordhoren tussen liggen, of een stukje barnsteen.
6 – Kleine boormossel (Barnea parva). Er zijn verschillende soorten Boormossels. Die zie je regelmatig liggen op de hele Nederlandse kust. De Kleine boormossel is daarvan de minst gangbare soort. Ze graven gangen in veenbrokken en oud hout. Op Schiermonnikoog brak ik een jaar geleden zo’n brok veen open. Daarin zaten diverse schelpen, waaronder dit fraaie doublet van de Barnea parva. Ook met restanten van (waarschijnlijk) een Paalworm (Teredo navalis).
Kortom, er was en is weer heel wat te zien in de natuur, ook dicht bij huis.
In Nederland zijn meerdere organisaties en instellingen actief op het gebied van de natuur van het strand, schelpen en weekdieren. Regelmatig werken die samen om kennis te delen en toegankelijk te maken. Twee ervan wil ik noemen. Zie verder ook op het internet.
- Strandwerkgemeenschap (SWG), zie ook www.strandwerkgemeenschap.nl/. De SWG geeft 5 X per jaar Het Zeepaard uit.
- Nederlandse Malacologische Vereniging (NMV), zie ook www.spirula.nl. Gericht op de studie naar weekdieren: schelpen, slakken, zoetwaterweekdieren, enzovoort. De NMV geeft het fraaie blad Spirula uit.
Spirula? Wat is dat? Een Spirula (eigenlijk Spirula spirula) is een klein soort inktvis met een heel fraai schelpje. Zie de foto hieronder. Die komt niet van de Nederlandse kust, maar van Fuerteventura. Hij luistert naar de Nederlandse naam Posthoreninktvis.
zondag 20 januari 2019
De grote eigentijdse taak van de politieke partij
Bij enkele reacties op mijn nieuwe boek ‘Actief socialisme’ proef ik – net als bij mijn voorgaande boek ‘Het speelveld van de vrijheid’ – enige teleurstelling dat ik niet kom met een sprankelend utopisch democratisch alternatief als oplossing voor de crisis van de Westerse politiek.
De tijdgeest fluistert in dat alles anders zou moeten, geen parlementen, alle bureaucratie terzijde, geen verwachtingen meer van de klassieke partijen, maar keuzes voor allerlei nieuwe vormen van democratie, volksraadplegingen, burgerinitiatieven, veel referenda, wijkraden, panels, lukraak gelote beslissende burgers en noem het maar op.
Dit failliet-verklaren, aangemoedigd door sommige media en journalisten, heeft echter een valse bijklank. Wil men wel echt iets aansprekend nieuws en werkelijke sociale veranderingen of slechts de magere verkoopcijfers van de kranten opschroeven en zichzelf in beeld brengen? Betrokkenheid of discussie om de discussie?
Hierbij moet ik denken aan Friedrich Nietzsches (1844-1900) boek ‘Oneigentijdse beschouwingen’. Deze door hem zelf gekozen titel getuigt treffend van zelfbewustzijn, al ben ik het met een deel van deze ‘beschouwingen’ inhoudelijk lang niet eens. De titel is echter frappant. Wat oneigentijds oogt en soms kritiek krijgt of genegeerd wordt, kan juist de kern der dingen bevatten. En dat dit voor het hele tijdsbeeld een onaangename boodschap bevat.
‘Het is toch niet van deze tijd!’, roept men dan. Maar dat je ‘niet van deze tijd’ bent, kan ook in een erkenning uitmonden in of na een tijd van chaos en vervlakking.
De utopie kan een belangrijke functie vervullen. Ik geloof wel in de utopie (zie hoofdstuk 12 van ‘Actief socialisme’). En ook in wijkinitiatieven, nieuwe en afwijkende vormen van democratische participatie, medezeggenschap, het meedoen van ongeorganiseerde actieve burgers, enzovoorts. Maar als het om structurele democratische machtsvorming gaat schieten al die vormen heel vaak danig tekort.
Ik heb hier zelf de nodige ervaring mee in een aandachtswijk in Groningen. Een periode van fantastisch veel directe participatie, maar toen de gemeente haar beleid veranderde en ook nog enkele actieve mensen iets anders gingen doen, was het allemaal zo weer verdwenen en kon men opnieuw beginnen, met ook nog veel minder middelen dan daarvoor.
Dan blijkt als zo vaak weer: de twee gebreken ‘gebrek aan macht en aan te weinig continuïteit’ zijn beslissende factoren van echte democratie. En vrijwel al die (zogenaamd) nieuwe vormen van basale en spontane democratie missen een idee van werkelijke continuïteit. Geld voor een project in een wijk is er zo, de garantie dat je (bijvoorbeeld) meer dan 25 jaar echt wat te vertellen hebt als bewoners krijg je er echter niet bij. Vooraf de mooie woorden, achteraf ‘Het was maar een experiment’.
Dan heb je nog de mogelijkheden van de sociale media, die werkelijk alle aspecten van de heersende tijdgeest onthullen, ook de meest tegenstrijdige. Je kunt er massa’s mee mobiliseren, er echter geen sterke stabiele macht mee vormen. Althans, dat gaat zo maar niet, dus het spontane is er al gauw van af. Zie de Arabische Lente, zie Occupy, zie het referendum over de Oekraïne, en hoe loopt het nu af met de Gele Hesjes?
Je kunt veel losmaken, dus zeker sterk bijdragen aan verandering, maar machtvorming vraagt altijd weer om organisatie. Losmaken, communiceren, ideeën vormen, het zijn belangrijke functies, maar ze beklijven niet makkelijk. Daarom is en blijft de politieke organisatie nodig.
Mijn boek oordeelt beslist niet negatief over de veelvormigheid van de politieke actie. In tegendeel wordt steeds ook geduid op actiecomités, actieve personen, groepen, maatschappelijke organisaties enzovoorts, niet alleen op politieke partijen. Maar in de politiek moet ten slotte georganiseerd worden, om een sociale democratische macht te vormen, die werkelijk sterke veranderingen door kan voeren.
Samenwerken is urgent, om macht te vormen. Partijen opheffen, laten samengaan enzovoorts kan altijd nog, dat heeft geen enkele haast. En dat er nog weer nieuwe verbanden of partijen ontstaan hoeft ook niet bij voorbaat afgewezen te worden. Er is niet één vorm helemaal bepalend, hoe vaak een journalist daar ook naar kan vragen.
Toen ik in mijn jeugd zelf actief werd en onder meer lid van de PSP (Pacifistisch Socialistische Partij), werd korte tijd erna in Groningen de Eemshaven geopend. De PSP deed op twee manieren mee. Een delegatie zat op de officiële feestvierende openingsboot. Lang leve de Eemshaven! Daarachter tufte een boos bootje met actievoerende milieuactivisten, inclusief de PSP, dus met andere leden van dezelfde partij. Weg met de Eemshaven! Kortom, men vocht niet eerst zelf uit wat het beste standpunt was, maar ging doodleuk tegen elkaar actievoeren. Het schoot niet echt op.
Van dergelijke interne wankelmoedigheden bestaan er natuurlijk wel meer voorbeelden. Wankelmoedigheid of verdeeldheid op een bepaald punt is niet verkeerd, maar moet in de politiek wel tot iets leiden, en liefst tot een slimme oplossing.
Mijn conclusie toentertijd was, dat er veel meer eenheid in politiek handelen nodig én mogelijk was. Zulke gebeurtenissen leidden ertoe dat ik graag uitdraag dat heel uiteenlopende meningen prima zijn en je die natuurlijk mag houden en uitdragen, maar je ook moet opkomen voor een gezamenlijk standpunt op de sociale politieke hoofdzaken. Op zo´n manier dat je ermee vooruit kan.
Het is veel te makkelijk alleen maar te zeggen dat ‘iedereen nu eenmaal een eigen mening’ heeft. Dat is namelijk een open deur die verdoezelt dat er juist verschillende meningen nodig zijn om samen verder vooruit te komen. Ja, die tijdgeest…
Het boek ‘Actief socialisme’ kent als opbouw: eerst negen filosofische hoofdstukken over politieke machtsvorming en de balans van machten, dan nogmaals negen hoofdstukken, met een beschouwing over politieke organisatie. Over het fundament ervan, niet over de details, want die moeten organisaties nu eenmaal zelf formuleren.
Daarin is een grote verantwoordelijkheid weggelegd voor de linkse politieke partijen, die een organisatie hebben die samenwerkingsvormen mogelijk maakt.
In zekere zin moet elke beschouwing die ertoe doet ook een beetje ‘oneigentijds’ zijn. Als je alleen de (bestaande) kranten zou volgen, komt van sociale verandering niets terecht. Daarom pleit ik voor een kritische sociale macht, opgebouwd door partijen, groepen, comités en personen, die krachten bundelen.
En voor de partijen noem ik ‘de driepoot’ (zie hoofdstuk 10), die aangeeft dat je zowel praktisch als gefundeerd heel actief moet zijn en consequent moet handelen. Zorgen dat de politiek een basis heeft, een fundament.
Spelen de sociale media dan geen grote rol? Jawel, een mobiliserende rol bijvoorbeeld, maar minder vaak een inhoudelijk democratische en organiserende rol. De sociale media verbinden niet alleen, maar verdelen ook, zetten mensen tegen elkaar op. Facebook kan mobiliseren, maar moeilijk een duurzame macht opbouwen. Twitter kan de wereld in brand zetten, maar geen brand blussen.
Genoemde boeken:
- Friedrich Nietzsche, Oneigentijdse beschouwingen, 2e druk, Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, Antwerpen 2008. Oorspronkelijk geschreven van 1873-1876.
- Jasper Schaaf, Actief Socialisme en vrijheid, Pleidooi voor hechtere linkse samenwerking, Eindhoven 2018
Abonneren op:
Posts (Atom)

