vrijdag 6 september 2013

Na de nihilistische val


De vorm van deze blog wijkt af van de gebruikelijke en wil attenderen op mijn kort geleden op internet gepubliceerde artikel ‘Na de nihilistische val, De onpraktische ideologie van de jaren zeventig – dogma en discussie’. Dit artikel is te lang voor publicatie op de weblog.
Wil je het lezen, dan kom je er via deze link:
https://www.marxists.org/nederlands/schaaf/2013/2013nihilisme.htm

Het artikel is eigenlijk niet helemaal klaar, eerder ‘Werk in uitvoering’. Het roept vragen op die nog niet worden opgelost of meer uitwerking verdienen. Het is al uitgebreid en verdere antwoorden vergen meer context. Nadeel is daardoor ook dat de toon stelliger is met betrekking tot personen en standpunten dan bij een verdere uitwerking nodig is. Het risico van misverstand is er ook, wat zich niet in enkele woorden laat oplossen. In ieder geval is het doel niet de positie of persoonlijke meningen van genoemde personen aan de orde te stellen. Onderwerp is de inhoudelijke denkbeweging, resulterend in die van de jaren zeventig en tachtig van vorige eeuw, die grosso modo als resultaat had dat de theorie de praktijk – die zich richt op sociale verbetering en op het bereiken van een socialistische samenleving – niet langer inspireerde.

Dat verval van inspiratie is opmerkelijk. Tal van bevlogen socialisten, soms meer ervaren, vaak ook jongeren, theoretiseerden er lustig op los, maar vaak wel op basis van een aanvankelijk door hen gedeelde sociale, socialistische of communistische invalshoek. Men werd vaak lid van de partij of deelnemer aan een beweging op grond van sociale idealen en ging van daaruit de theorie verder verkennen.

Toen dat proces vastliep, gaven veel mensen ook hun sociale ideaal op. Strikt genomen was en is dat nergens voor nodig. Waarom niet tot een realistischer beeld komen en daarin te pogen (de) hoge idealen vast te houden? Anderzijds: theorie moet wel kloppen, anders is die niets waard voor de praktijk. Maar was dat voldoende onderzocht en waren alternatieven grondig geformuleerd en bediscussieerd? Dat is in deze discussie beslist niet vol te houden. In feite bestaan hier veel vragen, die ook bij een realistischer perspectief voor de toekomst ongetwijfeld weer aan de orde zullen zijn. Dit artikel kan echter maar een deel van het hele verhaal laten zien.

Wat hier zeker ontbreekt is een voldoende analyse van de context en de effecten die van daaruit werden gestimuleerd en waar dus denkend op werd gereageerd. Dus de materiële en sociaalpolitieke omstandigheden en veranderingen, het totale verval van het reële socialisme en bijbehorende onthullingen van misstanden, de crisis sinds eind jaren zeventig, de vele bedrijfssluitingen in West-Europa, het vaak falen van verzet daartegen ondanks de grote inzet, de partiële successen van de vredesbeweging, de rol van partij- en vakbondsleiders, enzovoorts. Verder wordt hier vooral tot de ideologische discussie van mensen in en rondom de CPN beperkt, duidelijk slechts een deel van het politieke geheel.

Ondanks dat alles blijft het opmerkelijk hoe weinig durf er was betere woorden of theorieën te vinden, toen de opvatting postvatte dat de oude ten dele of helemaal niet deugden. Moeilijk ongetwijfeld, maar het is een hele verantwoordelijkheid het oude weg te doen en heel de achterban mee te slepen in dat proces.

Het stuk maakt deel uit van een groter onderzoek onder de werktitel ‘Staat en Vrijheid’  ofwel ‘Het speelveld van de vrijheid’, dat moet resulteren in enkele artikelen en een boek. Dit betreft enkele belangrijke staats- en politieke filosofieën, macht, ongelijkheid, democratie, collectief welzijn en vrijheid, mede gericht op de actuele maatschappelijke en ideologische crisis. Het artikel is een van de voorstudies. In het grotere geheel kunnen mogelijke vragen verder worden verhelderd, vooral vanuit een theoretisch kader. Het is nog niet zeker of ‘Na de nihilistische val’  deel zal uitmaken van het boek, omdat het artikel vragen oproept die niet alle in deze context kunnen worden beantwoord.

Eerder verscheen in dit verband in het ‘Vlaams Marxistisch Tijdschrift’  (Gent 2012, jrg. 46, nr. 3,  pp. 99-105; ook gepubliceerd op www.marxists.org) het artikel ‘Durven vooruit te denken, Over conservatisme en socialisme’. In een kortere bewerking verscheen dit ook in het tijdschrift ‘Kritiek’  (z.p. 2012, pp. 13-20) onder de titel ‘Nog langer bang voor de utopie? Over Thomas More en Friedrich Engels’.
      Een beoogd derde artikel zal gaan over ‘Vrijheid in Marx’ werk’, inclusief de verhouding tot het anarchisme, een vierde over hedendaagse sociale denkers. Het boek zal met name uitgebreid ook een keuze uit klassieke politieke theorieën behandelen.

In dat grotere kader lijkt ‘Na de nihilistische val’  als ‘Werk in uitvoering’ voorlopig voldoende. Het kan dienen voor verdere discussie en reflectie, waarbij onopgeloste vragen verder aan bod kunnen komen. Daarom wordt het hier in deze vorm gepubliceerd, als schakel om het sociale denken van het recente verleden beter te begrijpen.
Kortom, hier is iets te lezen dat voor verbetering vatbaar is, en het is niet het laatste woord.


Voor Na de nihilistische val, zie 
https://www.marxists.org/nederlands/schaaf/2013/2013nihilisme.htm

Voor het eerdere artikel Durven vooruit te denken, Over conservatisme en socialisme, zie 
http://www.imavo.be/vmt/12316-Schaaf.pdf 

Een korte versie van laatstgenoemd artikel, Nog langer bang voor de utopie? Over Thomas More en Friedrich Engels,  staat in Kritiek, Themanummer De actuele utopie, z.p. 2012, pp. 13-20, ISBN 978-90-817263-0-6.

Op marxists.org vind je ook mijn boek over de filosofie van Joseph Dietzgen. Dit is ook nog in de papieren versie verkrijgbaar, zie www.jasperschaaf.nl.





zondag 1 september 2013

Excuus van de lange weg


Op 5 augustus zond ‘Nieuwsuur’  het programma over NOVO uit, de instelling voor verstandelijk gehandicapten, waar door onbekwaam handelen een bewoner zo tragisch aan haar einde kwam. Nederland was op vakantie, maar inmiddels heeft ‘iedereen’ er wel van gehoord.
      Zoals te verwachten was er een boel commotie door de schokkende beelden. Er zijn Kamervragen gesteld, het behandelcentrum van NOVO waar dit gebeurde wordt gesloten en de Centrale Familieraad heeft het vertrouwen in de Raad van Bestuur van NOVO volledig opgezegd, waarop één van de bestuurders opstapte. In ieder geval is het nogal amateuristisch opgezette experiment van behandelen hier danig mislukt.
      Er worden maatregelen genomen, zo wordt gezegd. Dit is een verbale aanname. Of dat gebeurt op een manier die echt beklijft, is nog de vraag. Er is structureel meer aan de hand, dan met NOVO alleen. Dit trieste geval raakt weer uit de aandacht, maar de problematiek van een goede zorg voor verstandelijk gehandicapten met gedrags- en psychische problemen is daarmee geenszins van de baan.

In het commentaar in ‘Nieuwsuur’  zei een van de in vakantietijd opgetrommelde deskundigen over het feit dat vergelijkbare problemen, zoals van een onvoldoende scholing van personeel vaker voorkomt: ‘Er is nog een lange weg te gaan.’ Vervolgens ging het over de standaardoplossing waar Tweede Kamerleden meestal mee voor de dag komen. A – Er moet onderzoek komen. B – Er moet een betere regeling en controle komen.
    Tja, het bekende paard achter de wagen en in feite struisvogelpolitiek.

De kern van de zwakke redenering zit hier in ‘de lange weg’ die nog te gaan is. De suggestie wordt gedaan dat er wel een (min of meer) heldere visie op bejegening en behandelen bestaat, er al jaren een stevige inzet wordt gepleegd om de zorg voor gehandicapten met gedragsproblemen te verbeteren en dat het een kwestie is van doorgaan op deze weg.
      Feit is echter dat goede zorg en bejegening hier scholing, deskundigheid en continuïteit vereisen. Daarover is wel degelijk veel kennis aanwezig, maar de goede uitvoering staat haaks op het bezuinigingsbeleid. Door alle bezuinigingen en reorganisaties wordt er onvoldoende geschoold en getraind personeel aangenomen. Ook wordt hen geen goed arbeidsperspectief, voldoende rust en ondersteuning geboden, zodat sommigen uitgeblust raken in hun werk en er mee stoppen.

Na jaren op opleidingen als HBO-Jeugdwelzijnswerk en SPH gewerkt te hebben, weet ik één ding zeker. Er bestaan goede methoden, goede bejegening en heel goede trainingen in weerbaarheid en omgaan met agressie. Er bestaan of bestonden ook vele goede docenten en praktijkdeskundigen die hun studenten daarin konden trainen. Maar deze deskundigheid staat onder enorme druk. Vaak veralgemenen opleidingen te veel, waardoor de specifieke, echte deskundigheden verloren gaan.

Anders gezegd, het kan wel, de lange weg is voor een deel de weg terug, maar het kost wat. Er moet bij sommige bewoners één op één dus heel intensief worden gewerkt. Er moet bijscholing, inclusief praktische trainingen bestaan. Enzovoorts.

De lange weg is een begaanbare weg, mits niet geplaveid met bezuinigingen, reorganisaties en snel opeenvolgende gedropte methodes. Maak beter gebruik van de echt goede ervaringen, al is er altijd ook individueel maatwerk nodig. Deze weg kost dus heel wat, zowel in het onderwijs, permanente bijscholing en training, en zeker in de uitvoering. Het is een politieke en maatschappelijke vraag of ‘men’ bereid is de lange weg op te gaan. Onderzoek en controle zijn hooguit randvoorwaarden, niet de oplossing.
    Als alleen maar wordt gesteld dat er nog een lange weg is te gaan, zonder concreet perspectief, is het een lege geruststelling, een holle frase. De suggestie is dat er hard aan oplossingen wordt gewerkt. Dat is pas waar als je dit laat zien.





donderdag 8 augustus 2013

Vlinders, socialisten en een drogreden


In de vorige weblog stel ik een sociale veranderagenda voor die haaks staat op het bezuinigingspakket van de regering. Voor de crisis, of liever, ertegen. Om na te denken en om actief voor op te treden. Ik noem man en paard. Daarmee reageer ik ook op de onder linkse mensen vaak genoemde opvatting dat er minder defensief zou moeten worden opgetreden en er dikwijls dan randvoorwaarden aan een offensief pakket worden gesteld, zonder vervolgens zelf alvast een eerste inzage in dat wenselijke pakket te geven.
      Dan blijft het nog defensief. Niet dat dit altijd erg of onverklaarbaar is, maar het kan zo niet eeuwig doorgaan natuurlijk. Het is niet makkelijk, en om de impasse te doorbreken kun je moeilijk anders dan er gewoon een begin mee maken. Realistisch, niet hopen op het ware verhaal in één keer, maar proberen de goede richting te vinden.

Twijfel leidt dikwijls tot redeneringen iets niet te doen, terwijl het eigenlijk wel zou moeten. Ook in alledaagse situaties. Pas weer een aardig voorbeeld. In het weekend van 2-4 augustus jl. werden de tuinbezitters van ons land werd opgeroepen vlinders te tellen en deze door te geven. ‘Vlinder Mee!’  Een onderzoek van de Vlinderstichting waar Nederlanders met tuin in kunnen participeren.
      Dat weekend was ik met een groep mensen in de Hortus in Haren en kregen we mooie uitleg bij de biologische tuin, de zogeheten Laarmantuin. Genoemd naar de man die deze ooit heeft ontworpen. Sowieso een aanrader voor wie van natuur houdt.
      De rondleidende gids wees op de vele vlinders en attendeerde ons op de telling. Eén van de deelnemers antwoordde dat ze weliswaar graag meedeed, maar de vlinders niet alleen bij haar, maar ook in de tuin van de buren zaten. Hoe kun je dan precies het juiste aantal vlinders in de eigen tuin bepalen? Zij wilde alleen juiste gegevens doorgeven en deed daarom niet mee aan de telling. Dit dus uit onzekerheid, want bij ‘Vlinder Mee!’  is voldoende instructie om te vertellen hoe je hier goed mee om kunt gaan.

Het is frappant. Iemand met relevante informatie, die echt is geïnteresseerd, onthoudt het onderzoek deze gegevens. Terwijl de opzet zo ruim is dat de gemiddelden en afwijkingen voldoende zullen worden meegewogen. Het komt dus voor dat er een zekere angst bestaat niet correct genoeg te zijn. Maar daarmee onthoudt je anderen wel informatie en doet per saldo niet het best mogelijke.

Dit lijkt wat op linkse mensen die al jaren actief zijn en vaak een doorwrocht idee hebben hoe het gaat in de politiek, hoe het anders moet en verzuimen hun ideeën over dat laatste kenbaar te maken. Omdat ze weten het laatste woord niet te kunnen zeggen.
      Maar dat laatste woord is ook niet nodig, het bestaat zelfs niet eens. Gepresenteerde ideeën en meningen veranderen altijd wanneer er een openbare discussie over plaatsvindt. Vervolgens kunnen die ideeën verder worden ontwikkeld, verbeterd en verdiept. Daarom moeten toekomstideeën niet aan de overbekende spreekstalmeesters van de media en hun papegaaien worden overgelaten, maar is het beter dat mensen zich uitspreken. Stelling nemen is belangrijk, zeker als het over meer gaat dan over wat er niet deugt in de stellingname van anderen. Dat laatste, kritiek is vaak nodig, een eerste voorwaarde, maar daar mag het niet bij blijven.

Maar er is hoop. Zoals ongetelde vlinders nog wel even doorfladderen, zullen sterke sociale ideeën zich ook wel weer laten zien. Al mag je daar dus gerust een handje bij helpen.








Koningspage, Monchique, Portugal







Klein geaderd witje, in de eigen tuin




Over de vlindertelling zie: www.vlindermee.nl






dinsdag 6 augustus 2013

Flinke veranderagenda (crisis en alternatief)



‘Ze willen allemaal de concurrentie, zonder de kwalijke gevolgen van de concurrentie.’

Karl Marx, 1846


Over kapitalisten, burgerlijke economen en ideologen schreef Marx in een brief van 28 december 1846 aan Pavel Annenkov: ‘Ze willen allemaal de concurrentie, zonder de kwalijke gevolgen van de concurrentie.’ Het gaat hier om veel meer dan ironie, zoals blijkt uit het feit dat Marx hier vaker op terugkomt. Lees ‘Het kapitaal’.

Vandaag de dag hoor je dit ook, nu de marktwerking zijn werk doet. Het valt allemaal niet echt mee. Zelfs grote jongens op de markt als Nuon en KPN zijn na jaren concurreren terug bij AF, zo wordt er gezegd. De hele crisis, de economen vertellen vaak wat er allemaal niet kan, maar wat dan wel? Veel mensen vinden inmiddels wel dat je ‘de economie niet kapot mag bezuinigen.’ Natuurlijk, maar is dat alles? De concurrentie beperken, maar hoe dan? Concreet?
    Je weet natuurlijk niet zo maar wat er moet gebeuren, denk je misschien. Is dat wel waar? Toch hoor en lees je allerlei goede suggesties. Waarom worden deze niet wat vaker samengevat in één pakket? Dingen die gezegd worden, moet men ook durven herhalen. De liberale economen en beeldbuissprekers zullen zeggen dat dit helemaal niet zomaar mag of kan. Ze mogen een betere oplossing geven.

Hoog tijd dus voor een ‘veranderagenda’. Mooi woord. Bedrijven, instellingen en gemeenten hebben dit voor veel reorganisaties gebruikt om te vertellen dat ieder moet meedoen als er ‘flinke opgaven’ zijn. Dat geldt nu dan ook voor een maatschappelijke veranderagenda.
    Eerder (zie de link onderaan deze weblog) riep ik al op een beetje meer utopisch ofwel out-of-the-box te denken als het gaat om de toekomst. Geen ‘Wolkenkuckkucksheim’, niet te vaag natuurlijk, maar wel gedurfd.
      De socialist Sjaak van der Velden vraagt op de website van ‘Solidariteit’  ook om een linkse toekomstvisie (zie ook de link). Hij meent dat linkse mensen vooral slechts defensieve kritiek geven. Nou, dat hoeft natuurlijk niet. Van der Velden wil ook een ‘alomvattende maatschappijkritiek’. Dat kan natuurlijk, maar je kunt ook beginnen concreter te worden. En dan al werkend standpunten en visie verder ontwikkelen. Dat is nog geen socialisme, maar al werkende weg kan er verder aan gesleuteld worden, theoretisch en praktisch, vice versa.

Wat te doen in een slim veranderpakket dat voldoende tegendraads is om de bezuinigingsagenda uit te dagen en een begin kan zijn van een weloverwogen aanpak? Bijvoorbeeld dit:
      - Korter werken voor iedereen zolang er een groot arbeidsoverschot is, en bij tekort zo nodig weer verlengen. In dagen, weken en in leeftijd. Verdeel werk eerlijk. Zorg dat alle jongeren én ouderen betaald werk krijgen.
    - Versterk de zeggenschap van werknemers in bedrijven en instellingen. In de crisis zijn vooral werknemers en werklozen de dupe, maar de medezeggenschap is vaak zwak en soms volledig uitgehold. Dat kan veel sterker.
    - De voornaamste banken nationaliseren. In de ‘Volkskrant’  pleitten enkele hoogleraren reeds hiervoor, omdat de winsten doorgaans privaat geïncasseerd worden, maar de verliezen collectief worden gedragen. Erg rationeel is dat inderdaad niet.
    - Telecommunicatie (etc.) nationaliseren. Wat was er mis met het voormalige Staatsbedrijf der PTT? En met het feit dat er in elk dorp een mooi servicepunt was, geheten postkantoor? In de dorpen hangen de meeste wegwijzers nog. Telecommunicatie, inclusief de kabelaars, groot geworden vanuit de collectieve basis van de gemeentelijke centrale antenne, en destijds warm aanbevolen als heel efficiënt.
    - Energie. Nuon heeft problemen. De SP pleit ervoor de energiemarkt eens goed te bespreken. Wat is echt duurzaam en veilig voor de toekomst? Goed idee. Koop om te beginnen de Nuon maar vast terug.
      - De leiding van bedrijven en instellingen onder reguliere Cao’s laten vallen. Ook niet zelf bedacht, dat heeft de FNV gedaan, maar vaak hoor je zulke goede suggesties maar een poosje, en is het weer weg.
    - Geen ontslagen in de zorg en de sociale werkvoorzieningen. De sanering die nu speelt kost veel geld en is voor de kwaliteit totaal contraproductief. Zorg en voeding zullen sowieso dragende factoren zijn in de toekomstige economie. Daar zal men dan op in moeten spelen en dat gebeurt nu onvoldoende.

Raakt dit de hele economie? Wel veel, maar in zo’n verhaal kunnen productieve en creatieve bedrijven met een fatsoenlijke Cao blijven wat ze zijn. Er zal gezegd worden dat het te radicaal is, of terug-naar-vroeger of dat het niet mag. Maar waar een stevige politieke wil is, is meestal ook wel een weg.
      Anderen zeggen misschien dat het niet radicaal genoeg is. Maar wat voor visie ook, het is nooit einde verhaal, altijd weer een verdere start. Op het moment zelf, dus het moment van vandaag, moet een maatschappelijke veranderagenda leiden tot een slimme mix van sociaal beleid, zeggenschap, rationaliteit en markt. Het mag allemaal wat intelligenter, maar dat kan ook door de discussie concreet te maken en samen op te trekken waar eensgezindheid mogelijk is.




Bronnen:

Karl Marx, Brief aan Pavel Vassiljevitsj Annenkov, verstuurd uit Brussel op 28 december 1846.
Zie: deze link

Mijn artikel Durven vooruit te denken, Over conservatisme en socialisme is op verschillende plaatsen te vinden.
Zie Vlaams Marxistisch Tijdschrift: deze link
Of zie op Marxists.org: deze link

Het artikel van Sjaak van der Velden, Wat is de linkse toekomstvisie?
Zie ‘Solidariteit.nl’: deze link